
Dijon was de hoofdstad van de hertogen van Bourgondië, en het oude centrum loopt nog altijd langs één lijn, van de westpoort tot de overdekte markt. Deze gids gaat langs zeven plekken op die lijn: de Place Darcy met tuin en grand hotel, de Porte Guillaume, de kathedraal Saint-Bénigne, de Place de la Libération, het Hertogelijk Paleis met het Musée des Beaux-Arts, de Notre-Dame met haar uil en de Halles. Je kunt ze in een ochtend op volgorde aflopen, met tijd voor de lunch op de markt.
Place Darcy: de Jardin Darcy en het Hôtel de la Cloche
De Place Darcy is genoemd naar Henry Darcy, de ingenieur uit Dijon die in 1838 stromend water naar de stad bracht. Zijn reservoir ligt onder de Jardin Darcy, een kleine neorenaissancetuin die architect Félix Vionnois in 1880 aanlegde, met terrassen, bassins en watervallen boven de watervoorraad die ooit fonteinen in de hele stad voedde. Aan de overkant staat het Hôtel de la Cloche, het hotel ‘De Klok’, tussen 1881 en 1884 gebouwd als het luxueuste hotel van Dijon. In november 2015 werd de gevel na de aanslagen in Parijs in de Franse driekleur verlicht.
- De witte ijsbeer bij de ingang van de tuin, een kopie uit 1937 van het beeld van François Pompon; het origineel staat in het Musée d’Orsay in Parijs.
- De watervallen en balustrades van de tuin, sinds 2015 een beschermd historisch monument.
Porte Guillaume
Deze triomfboog aan het eind van de Place Darcy werd tussen 1786 en 1788 gebouwd door architect Jean-Philippe Maret, op de plek van een poort in de stadsmuur uit de 12e eeuw. Eerst heette hij Porte Condé, naar de prins van Condé, gouverneur van Bourgondië; tijdens de Revolutie werd hij de Boog van de Vrijheid, en in de 19e eeuw kreeg hij zijn huidige naam naar Guillaume de Volpiano, abt van Saint-Bénigne rond het jaar 1000.
- Hoe de boog nu los in het verkeer staat, aan het begin van de Rue de la Liberté, de winkelstraat die naar het paleis leidt.
Kathedraal Saint-Bénigne
Saint-Bénigne was een abdijkerk voordat ze in 1792 de kathedraal van Dijon werd. Ze is genoemd naar Benignus, een christelijke martelaar uit de 2e eeuw. Abt Guillaume de Volpiano begon hier in 1001 aan een grote nieuwe kerk, met een rotonde die in 1018 werd ingewijd. Alleen het onderste niveau van die rotonde is over, als crypte. De gotische kerk erboven werd tussen 1280 en 1393 herbouwd.
- Het dak van geglazuurde pannen in het Bourgondische patroon van gekleurde ruiten, en de torenspits van 93 meter, in de jaren 1880 vernieuwd.
- De crypte, met de ronde zuilen van de rotonde uit de 11e eeuw.
Place de la Libération
Het halfronde plein voor het paleis werd in 1685 ontworpen door Jules Hardouin-Mansart, de eerste architect van Lodewijk XIV, als Place Royale, en in de jaren daarna aangelegd. In het midden stond tot de Revolutie een bronzen ruiterstandbeeld van de koning; toen werd een deel ervan omgesmolten tot kanonnen. Het plein draagt zijn huidige naam sinds 1944. In 2005 en 2006 maakte architect Jean-Michel Wilmotte het autovrij, legde hij lichte Comblanchien-steen en zette hij fonteinen in de bestrating.
- De drie fonteinen in de bestrating en de gebogen arcaden die het plein tegenover het paleis omlijsten.
Hertogelijk Paleis en Musée des Beaux-Arts
Het Paleis van de Hertogen en de Staten van Bourgondië groeide vanaf de 14e eeuw rond de residentie van de Valois-hertogen en werd rond de nieuwe Place Royale in classicistische stijl herbouwd. Nu zitten hier het stadhuis van Dijon, dat er in de jaren 1830 introk, en het Musée des Beaux-Arts. De Tour Philippe le Bon, zo’n 46 meter hoog, werd halverwege de 15e eeuw gebouwd voor hertog Filips de Goede. De hertogelijke keukens die hij in 1433 liet herbouwen, zijn een vierkante zaal met enorme dubbele schouwen.
Het Musée des Beaux-Arts werd op 30 november 1787 opgericht en hoort daarmee bij de oudere openbare musea van Frankrijk; in 1799 ging het open voor bezoekers. Na een lange renovatie is het sinds 17 mei 2019 weer volledig open, met zo’n 1.500 werken in 50 zalen. De bekendste zaal is de Salle des Gardes, de grote zaal van het hertogelijk paleis, waar in 1827 de graftombes van Filips de Stoute en Jan zonder Vrees met Margaretha van Beieren werden geplaatst. Ze komen uit de kartuizerij van Champmol, het klooster dat de hertogen buiten de stad stichtten.
- De pleurants, de kleine rouwfiguren met kappen die in processie rond de sokkels van de hertogelijke graven lopen.
- De Tour de Bar, uit het oorspronkelijke paleis van de 14e eeuw, genoemd naar René van Anjou, hertog van Bar, die er gevangen werd gehouden.
Notre-Dame en de uil
De Notre-Dame werd ongeveer tussen de jaren 1220 en 1250 gebouwd in de Bourgondische gotiek, op de plek van een romaanse kapel. De gevel heeft 51 waterspuwers die helemaal geen water afvoeren: ze zijn puur decoratief, tussen 1880 en 1882 gebeeldhouwd ter vervanging van de originelen die in de middeleeuwen waren verwijderd. Boven de gevel hangt de Jacquemart-klok, die Filips de Stoute uit het Vlaamse Kortrijk meenam nadat hij de stad in 1382 had ingenomen; sinds 1383 slaat ze in Dijon de uren.
- De familie Jacquemart op de klok: Jacquemart en Jacqueline slaan de uren, hun kinderen Jacquelinet en Jacquelinette de kwartieren.
- De uil (la chouette), een klein beeldje op een steunbeer in de Rue de la Chouette, gladgesleten door mensen die hem met de linkerhand aaien en een wens doen; in 2001 werd hij door een vandaal beschadigd en daarna hersteld.
- Binnen Notre-Dame de Bon-Espoir, een houten Mariabeeld uit de 11e of 12e eeuw, verbonden met de bevrijding van de stad in 1513 en 1944.
Les Halles
De overdekte markt van Dijon werd tussen 1873 en 1875 gebouwd, nadat de stad er in 1868 toe had besloten, op de plek van een voormalig dominicanenklooster. De constructie van ijzer en glas werd gemaakt door de gieterijen van Fourchambault, met een dak dat sterk is geïnspireerd op de oude markthallen van Parijs. Sinds 1975 is het een beschermd monument, en het is nog altijd een levendige voedselmarkt.
- De gietijzeren zuilen en versieringen, en de kramen met Bourgondische producten, van kaas tot mosterd.
Zo zie je ze in één wandeling
Begin in de Jardin Darcy en steek de Place Darcy over naar de Porte Guillaume. Maak een korte omweg naar het zuiden naar de kathedraal Saint-Bénigne en loop dan door de Rue de la Liberté, langs de Place François Rude, naar de Place de la Libération en het Hertogelijk Paleis. Bezoek het museum, loop door naar de Place des Ducs achter het paleis en ga verder naar de Notre-Dame en de uil aan de zijkant van de kerk. Van daar zijn de Halles maar een paar straten verder.
Ontdek Dijon met World City Trail
Onze schattenjacht in Dijon maakt van de oude binnenstad een spel op je telefoon. De route verbindt 10 stops en eindigt bij de Halles, en de Porte Guillaume, de kathedraal Saint-Bénigne, de Place de la Libération, het Hertogelijk Paleis, het Musée des Beaux-Arts, de Notre-Dame en de Halles zijn allemaal stops, samen met de Place François Rude en de Place des Ducs. Bij elke stop los je een raadsel op en hoor je een verhaal, in je eigen tempo.
In Dijon is er ook een zelfgeleide wandeltour en een outdoor escape game, voor wie liever een ander formaat kiest.
Speel de schattenjacht in Dijon →
Doe de zelfgeleide wandeltour door Dijon →
Speel de outdoor escape game in Dijon →
Feiten gecontroleerd in oktober 2026.
